| Palmers de Terlamen
Marie
(Geboren te Borgworm op 16-03-1895 en overleden te Viversel op 26-01-1991) |
Marie Palmers de Terlamen, geboren als Marie, Jozefien, Charlotte Roberti was het oudste kind uit een gezin van 10 kinderen. Ze groeide op in een familie die nauw verbonden was met de suikerraffinaderij van Oreye. Haar vader Auguste Roberti was er afgevaardigd beheerder van 1901 tot 1936.
Marie volgde een opleiding aan de kunstacademie van Luik. Na haar huwelijk met Antoine Palmers de Terlamen woonde zij in Hasselt, nadien in Stevoort en van 1952 tot aan haar dood in het kasteel van Terlamen te Viversel (Heusden-Zolder).
Haar huwelijk bleef ongewild kinderloos, dit was haar grote verdriet en ze stortte zich met volle overgave op de kunst.
Ze schilderde vooral portretten, maar ook stillevens, bloemen en dieren. Ze
maakte in hoofdzaak olieverfwerken, maar daarnaast ook pastel, potloodtekeningen
en aquarels.
Het merendeel van haar werken maakte ze in haar atelier te Terlamen, maar ze
had ook een atelier in Brussel waar ze werkte met modellen.
Ze was zeer goed bevriend met andere kunstenaars, oa Leo
Pringels. Ze wist
dat deze laatste het financieel niet gemakkelijk had en gaf hem de opdracht
een paar muurschilderingen te maken in het kasteel. Marie had ook fijne contacten
met Charles Wellens en fietste met hem , het schildersgerief achter op de fiets,
door de natuur. Ze kreeg ook nog les van hem.
Ook kunstenaar Sylvain Douven , toen pastoor te Viversel, kwam haar regelmatig
opzoeken.
Gérald Bertot, beter bekend als de schrijver Thomas Owen of kunstcriticus
Stéphane Rey, nodigde Marie regelmatig uit in zijn woning te Brussel.
Hij was ook regelmatig te gast op het kasteel van Terlamen.
Prins Karel, Graaf van Vlaanderen, de jongere broer van Leopold III , en tevens
kunstenaar, logeerde soms voor meerdere dagen op Terlamen en maakte er veel
tekeningen.
Marie kende zeer goed Camille Huysmans, de politicus, staatsman, filoloog en
journalist en mocht een portret van hem schilderen. Dit mooi werk hangt in
Brussel in de Kamer.
Ze stelde regelmatig tentoon in kunstgalerijen te Brussel. Een werk van haar , een portret, was ook te zien op de tentoonstelling “ Charles Wellens en zijn Leerlingen” in 1995 te Lummen. Ze bleef schilderen tot op hoge leeftijd. Het merendeel van haar werken is verkocht.
Ze overleed op 96 jarige leeftijd in het kasteel van Terlamen, en werd bijgezet in de grafkelder van haar echtgenoot te Stevoort.
(tekst Lydia Moors)
Nota:
Haar schoonvader Albert Palmers was o.a. volksvertegenwoordiger, lid van de provincieraad en burgemeester van Stevoort van 1908 tot 1918. Het landgoed Terlaemen was sedert 1811 in het bezit van de familie Palmers. Albert Palmers kreeg bij koninklijk besluit van 10 nov 1933, het recht zich Palmers de Terlamen te noemen. Dit verklaart waarom Marie haar werken tekende met Marie Terlamen.
De familie Palmers de Terlamen was sedert 1826 eigenaar van het oude kasteel van Stevoort. Het werd in 1922 aan de provincie verkocht. De familie bouwde in Stevoort een nieuw kasteel waar Antoine met zijn vrouw de kunstenares Marie Palmers de Terlamen woonde . In 1952 verhuisden ze naar het kasteel van Terlamen.