Varia

Het schilderij « De onthoofding van Egmont «

Voor wat meer “achtergrond” informatie over het schilderij  “ De onthoofding van Egmont “ , geschilderd door Fine Stevens, en in het bezit van de Stad Zottegem (technische dienst), zijn we op bezoek geweest bij  Nestor Van den Bossche. In 1968 maakte hij een studie over Egmont en maakte in die periode ook mee hoe Fine  vertrekkende van een ontwerp, het schilderij tot stand liet komen en hoe het werk uiteindelijk in het Egmontkasteel belandde.

In 1957 werd het Museum voor Geschiedenis, Oudheidkunde en Folklore, in het door de stad Zottegem aangekocht noordelijk gedeelte van het Egmontkasteel geopend.  Nestor werd aangesteld als conservator van het Egmontdomein.

In het Egmontjaar 1968, vierde Zottegem de 400ste verjaardag van de onthoofding van  de graven van Egmont en Horne. Er werden allerlei activiteiten gehouden, waaronder ook een tentoonstelling van schilderijen over Egmont en zijn tijd in het Egmontkasteel. Zo kon men er het grote werk “de onthoofding van Egmont” , geschilderd door Fine Stevens bewonderen (foto 1) . Van dit werk bestaat er ook een ontwerp (foto 2).

Nestor was heel nauw betrokken bij het tot stand komen van het schilderij. Fine schilderde het werk in zijn atelier in de Laurent De Metsstraat. Na een “eindkontrole” door Michel Lapaige werd het werk met veel moeite naar het Egmontkasteel gedragen. Hier kreeg het zijn plaats in het museum op de 1ste verdieping. Voor het schilderen van de figuren stonden enkele Zottegemse personen model:  Jan Cornil als beul in bloot bovenlijf, Theo De Smet, oud-leraar aan het Atheneum als Egmont, André Van Daele als Bisschop Rythovius die geestelijke bijstand verleende,  Roger Meuleman als Alva en in de linker benedenhoek ziet men Fine zelf. De meeste van deze “modellen” traden ook op in het historisch drama “De Dood van Egmont” , door de Zottegemse Rederijkerskamer “ De Suyghelingen van Polus” opgevoerd tijdens het Egmontjaar, in het domein van Gaasbeek (2x) en in de "Confectie Ateliers Lievens" te Zottegem. Deze Rederijkerskamer, ontstaan in 1720 hield in de jaren ’30 op te bestaan. Nestor was in 1963 één van de heroprichters en secretaris van de Suyghelingen. In 1996 werd hij hoofdman van deze vereniging.

Op de tentoonstelling waren er nog kleinere werken van Fine te zien (zie foto’s): Lamoraal Graaf van Egmont, Graaf van Horne, Filips II , de Beul en de Hertog van Alva.

Deze kleinere werken zijn nu te bewonderen in het Museum voor Folklore, Grotenbergestraat 162 te Grotenberge. In deze voormalige pastorie uit 1871 is een volledige ruimte gewijd aan Egmont.

In 1971  kocht de gemeente  Zottegem het Domein Breivelde , bestaande uit een park met kasteel. Het Museum voor Geschiedenis, Oudheidkunde en Folklore werd overgebracht van het Egmontkasteel naar de bovenverdieping van het kasteel van Breivelde. Later besloot de stad Zottegem het kasteel te verhuren en sinds 1997  is het Museum voor Folklore gevestigd op de huidige locatie in de voormalige pastorie van Grotenberge.